U-Track logo
U-Track logo

Drie medailles en twee clubrecords

Zondag 14 februari was weer het toneel van de NK masters indoor. Voor de tweede maal werd dit evenement gehouden in de nieuwe hal in Apeldoorn. Jos Warmerdam en ondergetekende hadden zich ingeschreven voor diverse onderdelen, dat wil zeggen de diverse onderdelen waren voor Jos, het hoogspringen voor mezelf.

Jos moest al vroeg beginnen voor het hinkstapspringen, daarom had ik besloten later te komen met de trein. Een halve dag rondhangen in afwachting van jouw onderdeel is geen goede voorbereiding had ik vorig jaar ondervonden.

Jos begon dus met de hinkstapsprong en had meteen een goede aanloop, kwam goed uit voor de balk, en maakte en respectabele sprong. Echter het gat met de concurrentie was bijna een halve meter, en dat was zelfs met een uitmuntende sprong nauwelijks haalbaar. De hinkstap is voor Jos eigenlijk het voorgerecht, het hoofdgerecht blijft toch het polshoog. Vandaar dat Jos besloot het bij deze ene poging te laten.

De aanvangshoogte van Jos was 3.20m bij het polsstokhoogspringen. Toen hij deze hoogte geklaard had was hij verzekerd van het goud. De concurrentie had zich na de 3 meter al uitgeschakeld. Met enkele aanwijzingen van zijn trainer Bram Kreykamp wist Jos tot grote hoogten door te stijgen. Met soepele sprongen over 3.30 en 3.45 noteerde het scorebord uiteindelijk 3.65. Daarmee verbeterde hij zijn eigen M40 PR en clubrecord met maar liefst 15 centimeter.

Daarna was het tijd voor het toetje, de 60 meter horden. Wan Bakx is al jarenlang de specialist op dit onderdeel, en bijna niet te kloppen. De overige deelnemers waren wat tijden betreft aan elkaar gewaagd, dus de strijd om de rest van de medailles lag nog open. Met een goede start en een goed ritme tussen de horde kwam Jos uit op een tijd van 9.72s. Goed voor een tweede plaats en dus ook een tweede medaille.

Waar Jos een volledig 3-gangenmenu tot zich had genomen, was het voor mij meer een eenpasgerecht, namelijk het hoogspringen. Op papier waren mijn tegenstanders van een ander kaliber dan mijzelf. De nummers 1 en 2 op de plaatsingslijst hadden het afgelopen jaar boven de 1.85m gesprongen. Ikzelf bleef steken op 1.70m. Het kampioenschap M40 werd tegelijkertijd gehouden met die van de M35 en de M50, waardoor het deelnemersveld best nog groot was. Op de 1.66m toucheerde ik de lat met een klassieke stoeltjessprong (de benaming van trainer Egbert om een technisch niet geheel correcte stijl aan te duiden). Daarna ging het gelukkig beter. De tweede sprong over 1.66m ging goed, en daarna ging de sprong over 1.71m ook zonder problemen.

Toen was het tijd voor een korte onderbreking omdat twee heren in de categorie M50 barrage moesten springen. De lat ging met stappen van 2 centimer omlaag tot de 1.65 en daarna weer omhoog omdat beide deze hoogte weer gehaald hadden. Op 1.67 werd uiteindelijk de beslissing geforceerd, en kon de wedstrijd M35/M40 verder. Gelukkig had deze onderbreking geen nadeling gevolgen. Zonder problemen haalde ik de 1.74 en de 1.77. Daarna lag de lat zomaar op 1 meter 80 en waren er nog drie atleten over. Dit was mijn PR dat ik meer dan 10 jaar geleden gesprongen had. Na de aanloop en de sprong voelde ik een lichte beroering van de lat, maar deze bleef liggen. Een evenaring van mijn all-time PR en een nieuw clubrecord M40. Ik kon niet anders dan tevreden naar huis gaan.

Mijn verbazing was dan ook groot toen beide concurrenten faalden bij de eerste poging. De tweede poging haalden ze wel allebei, maar opeens was ik leider in de wedstrijd. Toen werd de wedstrijd voor de tweede maal stilgelegd. Het was tijd voor de 60 meter finales, en deze kruisen de hoogspring aanloop. Na een klein kwartiertje konden wij verder met 1.83. Blijkbaar was deze tweede onderbreking teveel van het goede voor de overgebleven hoogspringers. De 1.83 werd niet meer gehaald en daarmee nam ik het bezit van de gouden medaille.

Zowaar geen slecht resultaat voor U-Track, twee gouden en één zilveren medaille kunnen in de prijzenkast. En natuurlijk past hierbij een dankwoord aan onze altijd enthousiaste trainers Bram Kreykamp en Egbert van den Bol.